I home I cd I optredens I contact I reacties I tourtjes I foto's I Music Maker I de band I

I ABC studio live optreden (YouTubeI Chicago Bluesfest site I




Website Liz Mandeville


Website Little Willie Littlefield

Onderstaand reisverslag is gepubliceerd in Dagblad de Limburger tijdens onze trip naar Chicago.
The BluesCrowns in Chicago(1)

Daan en Dries van Agt
Daan en Dries van Agt (Foto: Carin Willemsen)

Om zes uur woensdagochtend vertrekken we, met in ons kielzog fotografe Carin Willemsen en een handvol festivalpromotors, vanuit Sittard via Schiphol en Cincinnati naar Chicago. Geknipt en geschoren bereiden we ons voor op een speciale behandeling van de Amerikaanse douane, wiens controle als een van de strengste geldt. Zeker als het gaat om een stelletje bluesmuzikanten dat vanuit Sin-city naar The Windy City reist. Bij het inchecken worden we vergezeld door oud-Premier Dries van Acht. 'Dolle' Dries toont zich zeer verheugd dat wij als eerste Europese band ons land vertegenwoordigen op het Chicago Bluesfestival. Een uitnodiging om met ons mee te reizen slaat hij charmant af, omdat in het Midden-Oosten wordt verwacht voor dringende zaken.

In de studio
In de studio (Foto: Carin Willemsen)

Na veertien uur betreden we Amerikaanse bodem. De douane-beambten stellen netelige vragen, maar wensen ons plezier en succes toe. Wachtend op de vlucht naar Chicago besluiten we even in Moe's Bar een biertje te drinken. Na de eerste slokken worden we opeens omringd door security-mensen. Iedereen moet als een speer mee naar de catacomben van de luchthaven. Met duizenden reizigers lopen we als een leger mieren naar de kelders. Voor het eerst in ongeveer drie jaar is een nationale tornado-waarschuwing afgegeven voor het vliegveld. Dat hebben wij weer...

Voor het ABC-gebouw
Voor het ABC-gebouw (Foto: Carin Willemsen)

Als band zijn we veel geplaagd door rampspoed. Onze bus brandde drie weken geleden uit na een optreden in België. Diezelfde week kregen we nog een klapband met onze nieuwe bus. Dus dit kunnen we ook nog wel hebben. Na ruim twee uur in de schuilkelder en zes vertragingen, arriveren we om 23.00 uur lokale tijd in Chicago. Gastvrouw Liz Mandeville staat klaar om ons naar een fantastisch appartement te brengen, zo eentje uit typische Amerikaanse tv-series. Na een heel kort nachtje vertrekken we om drie uur naar de ABC-studio voor een tv-optreden in een ochtendshow met maar liefst vier miljoen lokale kijkers. Als we bij aankomst onze instrumenten uitpakken, blijkt dat een van de douanemedewerkers mij toch een streek heeft geleverd. De kleppen van mijn saxofoon zijn tijdens een stiekeme controle verbogen, waardoor mijn geliefde instrument onbespeelbaar is. Dankzij collega-toeteraar Rodney Brown kan ik het optreden doen met een geleende sax. De eerste dag is ondanks weinig slaap, een jetlag, een overrazende tornado en instrumentaal malheur uitstekend verlopen. Dezelfde dag hebben we nog een optreden op O'Hare Airport om de duizenden bezoekers te verwelkomen. Voor de gelegenheid noemen we ons The Bluescrownados.... of zoals Liz al heeft aangekondigd: ,,The Bluescrowns will hit the ground running".

The BluesCrowns in Chicago (2)


De eerste paar dagen in Chicago verlopen in een soort roes. Met een jetlag, slaapgebrek en hooggespannen verwachtingen wordt de volle agenda enthousiast afgewerkt. Na het eerste optreden in de tv-show en een paar uurtjes slaap worden we wederom in een gigantische bandbus door de stad gevoerd naar luchthaven Chicago O'Hare, waar we voor de vele duizenden bezoekers een muzikaal welkom verzorgen.

De veiligheidsmaatregelen die in Amerika zijn getroffen na nine-eleven liegen er niet om. Om op het vliegveld te kunnen optreden ondergaan we voor de zoveelste keer een security-check. Alle instrumenten en apparatuur worden aan een minutieus onderzoek onderworpen, net zoals wij. Bij elke controle moet je je half uitkleden en wordt je consequent als verdachte behandeld.

We bevinden ons in gezelschap van de Amerikaanse zangeres Liz Mandeville, gastdrummer Little Lewis en saxofonist Rodney Brown waarmee we deze gig verzorgen. Het had niet veel gescheeld of we moesten zonder onze pianist Joost Janssen spelen. Bij de controle blijkt dat Joost eigenlijk Richard heet. Dat is althans de eerste naam in zijn paspoort, en niet zijn roepnaam. Zijn naam op de vooraf ingezonden personeelslijst komt dus niet overeen met hetgeen in zijn paspoort staat. Dit ontglipt niet aan de aandacht van een 'oversizedŽbeveiligingsbeambte die hem ongenadig de toegang tot de luchthaven weigert. Terwijl de rest van de band zich klaar maakt voor het optreden wordt Joost of...Richard onderworpen aan een kruisverhoor, waarbij hij nog net niet zijn onderbroek hoeft uit te trekken.

De verklaringen dat wij onze katholieke doopnamen en roepnamen onderscheiden gaat er niet in. Dankzij de inspanningen van een 'Airmarshall' mag Joost na veel hoofdbuigingen aanschuiven bij het optreden dat inmiddels is begonnen.

Honderden wereldburgers passeren ons podium en geven een goede indruk van de Amerikaanse smeltkroes. Een streng gelovige jonge Amish-vrouw kijkt naar de grond met het schaamrood op de kaken terwijl wij Let The Good Times Roll inzetten. Het is zeker niet Gods wil dat zij aan deze duivelse muziek wordt blootgesteld. Ik vraag me af wat er in haar omgaat....

The BluesCrowns in Chicago (3)


Andreas uit Duitsland, Filip uit Zottegem Belgie, Al uit Seatle, Peter uit het Zeelandse Kwadendamme, Joseph uit Kameroen Onze optredens worden door evenveel liefhebbers bezocht als bladeren aan de bomen van het Grant Park dat vier dagen dienst doet als festivaltterein. In de dagen dat we op het festival hebben gespeeld worden records gebroken. De temperatuur lag rond de 30 graden, we verkochten 25 cd's in amper tien minuten, het bezoekersaantal overtrof alle voorgaande 25 jaar en we nemen een onwezenlijke ervaring mee naar huis.


Opvallend is de discipline van de organisatie en het publiek. Een parallel met de Nederlandse festivals gaat dan ook niet op. Geen overdreven 'crowd control' of ' glas en blik' verboden, hoge dranghekken, legers security. Ondanks een zwaar consumerend publiek vindt je geen beker op de grond. Simpelweg omdat de Amerikanse bezoeker het fatsoen heeft om hun rotzooi in de daarvoor bestemde vuilinsbak te dumpen. Zo heeft discipline haar voordelen. De stad ademt, leeft en beleeft The Blues alsof het de laatste dag op aarde is. Voor Arno, Paul, Joost, Hupie en ondergetekende de spreekwoordelijke kroon op ruim 25 jaar muziek maken. Zoals het er nu naar uitziet blijft het niet bij deze ene keer en mogen de de grote plas komend jaar wederom oversteken om liefhebbers te bedienen van onze Limburgse vertaling van het zwarte Amerikaanse erfgoed. Volgens kenners hebben we een fenomenale indruk achtergelaten, mede dank zij de combine met onze Amerikaanse collega's Rodney Brown, Little Willie Littlefield, Liz Mandeville, Lewis Brown en Johnny Cotton. Na het laatste optreden worden we uitgenodigd om 's avonds nog op te treden in Rosa's Lounge, een bluescafe dat dienst doet als waterplaats voor lokale bluesmusici. Een hoop cliche's over de Verenigde Staten worden bevestigd; alles is groot, commercie viert hoogtij en de uitdrukking 'ieder voor zich en God voor ons allen' doordrenkt de samenleving. Zie het als een wezenlijk cultureel verschil en als je hier geen aanstoot aan neemt kun je het hier vreselijk naar je zin hebben. Voor het optreden op The Petrillo Music Shell, het hoofdpodium wordt als kick-off het Amerikaanse volkslied gespeeld en worden we vriendelijke verzocht mee te doen aan de ' 'handoplegging' , hand op het hart en uit volle borst meezingen...." Wie Sjoon os Limburg is....doa geit niks boave" en zo is het! Ik zou pagina's kunnen vullen met de stortvloed aan ervaringen en indrukken van dit avontuur, maar die bewaar ik voor bij het kampvuur. Met een koffer vol herinneringen, nieuwe vriendschappen en een voldaan gevoel maken we ons op voor de terugreis naar huis waar we zaterdag 14 juni tijdens het Taka A Walk Rhythm & Bluesfestival optreden. Zo sta je voor ruim 70.000 mensen te spelen en niet lang daarna voor 100. Het aantal doet er niet toe....de muziek spreekt voor zich en ons. We verheugen ons op de intimiteit van de Limburgse kroeg!